background
affiche nederlands indie
Van het eerste zeilschip

het eerste zeilschip

Tot en met het laatste vrachtschip

het laatste vrachtschip
facebook forum
Nederlands Indië

 

 

 

 

INDONESIË-PROJECT:  'GORDEL VAN SMARAGD' 

 

Doel van het Indonesië-project

1. Renovatie voormalige Rotterdamsche Lloyd gebouwen

                                     

Het KRL-Museum stelde begin 2016 met vreugde vast dat voormalige Lloydgebouwen in diverse Indonesische havensteden door Indonesiërs zelf worden gerestaureerd en gefinancierd. Voormalige Rotterdamsche Lloyd gebouwen/kantoren bevinden zich onder andere in de volgende havensteden, zoals: Sabang, Padang, Belawan (Sumatra), Batavia, Surabaya, Ceribon (Java) en Makassar (Celebes/Sulawesi).

Het verrassende is dat men bij de restauratie betreffende gebouwen zoveel mogelijk terugbrengt in de oorspronkelijke, koloniale, staat, daarmee herstellen de Indonesiërs deze gebouwen in hun historische eer en zien dit als gezamenlijk erfgoed. Het Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum wil deze positieve ontwikkeling daadwerkelijk stimuleren en waarderen en dat doet het museum actief door het ‘GORDEL VAN SMARAGD’-projectplan tot uitvoering te brengen. Het KRL-Museum wil deze waardering inhoud geven door een schenking te doen, bestaande uit een waardevolle aanvulling op de erfgoedwaarde van het gerestaureerde gebouw, bestaande uit Rotterdamsche Lloyd-erfgoed items.

1. Renovating former Rotterdam Lloyd buildings

With the GORDEL VAN SMARAGD project the Royal Rotterdam Lloyd Museum aims to appreciate the restoration by Indonesian restorers of former Lloyd (office) buildings in former ports/cities in the former Dutch Indies. We write about former Rotterdam Lloyd buildings/offices in port cities as: Sabang, Padang, Belawan (Sumatra), Batavia, Surabaya, Ceribon (Java) and Makassar (Celebes/Sulawesi).

The surprising aspect is that the Indonesian restorers are bringing back those buildings in the original, colonial, which means that the Indonesians restore these buildings in their historical honour and consider this as mutualheritage. This positive trend gives the Royal Rotterdamsche Lloyd Museum the opportunity to appreciate those restorations. Our Museum is happy to do this by donating a valuable addition to the heritage value of the restored building, consisting of Rotterdam Lloyd artifacts.

2. Het vervoer van Indonesische plantageproducten door de Rotterdamsche Lloyd

Er is een duidelijke connectie tussen plantageproducten en het vroegere, uitgebreide vervoer daarvan door o..a. de roemruchte scheepvaartmaatschappij Rotterdamsche Lloyd en haar voorgangers. De Rotterdamsche Lloyd vervoerde veel personen en goederen van en naar Nederlands Indië en op de thuisreis waren dat uiteraard voornamelijk plantageproducten. Zo'n 70 jaar na het verwerven van hun onafhankelijkheid beschouwen de Indonesiërs de toenmalige Nederlandse plantages, plantageproducten en het vervoer daarvan als gezamenlijk erfgoed. Het is waarschijnlijk om deze reden dat de huidige Indonesische Plantagesector interesse toont in de voormalige Rotterdamsche Lloyd als grootvervoerder, dat moge blijken uit ons Medan- project en het door Indonesie aangevraagde Bogor-project. 

2. Shipping of Indonesian plantation products by Rotterdam Lloyd

There is a clear connection between plantation products and its earlier extensive transport by the Dutch shipping company Rotterdam Lloyd and its predecessors. The Rotterdam Lloyd transported a lot of passengers and goods to and from the Dutch Indies, and of course, on the home trip, mainly plantation products were transported. About 70 years after independence, the Indonesians consider the Dutch plantations, plantation products and their transport as mutual heritage. It is probably for this reason that the current Indonesian plantation sector shows interest in the former Rotterdam Lloyd as a big carrier of plantation products, as evidenced by our Medan project and the Bogor project, requested by Indonesia itself.

3. Aanvullende Lloyd-exposities bij Indonesische maritieme musea

Via de Indonesische Ambassade te Den Haag is, in 2016 al, interesse getoond voor samenwerking tussen het Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum en maritieme musea in Indonesische havensteden. Ook in deze opties zouden kleine, aanvullende exposties met Rotterdamsche Lloyd-erfgoed kunnen worden opgezet. Resultaten van fondsenwerving zullen ook hier aangeven wat wel of niet haalbaar is. 

3. Additional Lloyd exhibitions in Indonesian Maritime museums

Through the Indonesian Embassy at The Hague, interest was shown in 2016 for cooperation between Royal Rotterdam Lloyd Museum and maritime museums in Indonesian port cities. Also in these options small additional exhibitions with Rotterdamsche Lloyd heritage could be set up. Results of fundraising will also indicate here what is feasible or not.

Ons éérste Indonesië-project: BATAVIA-project

Het eerste project, het BATAVIA-project, is in februari 2017 met een indrukwekkende Schenkingsceremonie succesvol beëindigd en mocht zich verheugen op significant financieel en daadwerkelijk support van de Nederlandse Ambassade te Jakarta (Dr. Michael Rauner, Hoofd Culturele Zaken en Directeur Erasmushuis). Financieel support en gewaardeerde adviezen werden eveneens verkregen van Damen Schelde Naval Shipbuilding te Vlissingen (Mr. Hein van Ameijden, President-Directeur). Verder noemen we de fondsen: De Hagedoorn Stichting te Den Haag en de Rens-Holle Stichting te Capelle a/d IJssel.  De Rens-Holle Stichting te Capelle a/d IJssel en 'last but not least': een significante bijdrage van oud Willem Ruys Steward, Puck Willemstein.

Door naar beneden te scrollen (onder het Medan-project) treft u meer informatie en veel foto's over het Batavia-project aan!

 

Our first Indonesia project: BATAVIA-project

The first project, the BATAVIA-project ', which started early 2016 is successfully completed in February 2017 with an impressive Donation ceremony at Jakarta has just been made possible with significant financial and actually support of the Dutch Embassy in Jakarta (Dr. Michael Rauner, Head of Cultural Affairs and Director Erasmus Huis). Financial support and valued counceling were also obtained from Damen Schelde Naval Shipbuilding at Vlissingen (Mr. Hein van Ameijden, CEO). Furthermore, we mention funds: De Hagedoorn Foundation at the Hague and the Rens-Holle Foundation at Capelle a/d IJssel. Last but not least we would like to ask your attention for former Willem Ruys-Steward Puck Willem stein, he donated quite significantly.


By scrolling down (below the Medan-project) you will find more information and lots of pictures of the Batavia-project!

 

 

 

 

HOOFDPROJECT: GORDEL VAN SMARAGD

PROJECT: MEDAN / BELAWAN

 

UITGEBREIDE STEUN VAN DE 'SUMATRA HERITAGE TRUST'

Tot ons grote genoegen mochten wij al in een vroeg stadium van dit project verheugen op de hulp, die de Sumatra Heritage Trust ons in het kader van het Medan/Belawan-project geeft,, Zij hebben een essentiele bijdrage geleverd voor het slagen van dit Medan-projecte. In het bijzonder danken wij de Secretaris, Mevrouw Ir. Rika Susanto, member of the Board of Directors en Arsitek Konservasi Pak Danang Triratmoko AIA.

De Sumatra Heritage Trust is een non-profit, non-overheidsorganisatie en wordt daarentegen gedragen door de Indonesische gemeenschap. De trust werd op 28 april 1998 in Medan opgericht.

EXTENSIVE COOPERATION WITH 'SUMATRA HERITAGE TRUST'

It is our great pleasure, we may experience in the framework of the Medan/Belawan project the appreciated help of Sumatra Heritage Trust The shown involvement by this Trust is essential for the success of our second project. Great thanks to them and in particular Secretary, Mrs. Ir. Rika Susanto, member of the Board of Directors and Arsitek Konservasi Pak Danang Triratmoko AIA.

The Sumatra Heritage Trust is a non-profit, non-governmental organization and is 'carried' by the Indonesian community. The trust was founded at Medan on April 28th 1998.

Departure ms Sibajak from Lloyd quay at Belawan Port - 1928.

 

Medan and her Port Belawan.

Lloyd office in forrmer days.

Lloyd office beautifully renovated in 2016.

Van het voormalige Lloydkantoor te Medan naar het voormalige gebouw van de 'Algemeene Vereeniging van Rubberplanters ter Oostkust van Sumatra?' (AVROS) te Medan

Via de Sumatra Heritage Trust ontvingen wij in december 2016 een bericht van de eigenaar van het voormalige Lloydkantoor Asuransi Jasindo in Medan. In dat bericht gaf Asuransi Jasindo, met spijt, de onmogelijkheid aan om de Lloyd-donatie te accepteren. De redenen waren: A. het Bureau is niet toegankelijk voor het publiek. B. er is niet voldoende ruimte voor een expositie. C. sommige ruimten worden verhuurd aan derden, dat zal het garaderen van veiligheid, etc. bemoeilijken.

Exact op het juiste moment kwam de Sumatra Heritage Trust met een interessant alternatief dat zeker kan voldoen aan de doelstellingen van ons museum. Het enige wat in deze optie verandert, is de expositielocatie van de donatie-items. Hieronder vertellen wij u meer over de organisatie waarmee wij in dit project gaan samenwerken. De ontwikkelingen daarbij kunt u hier volgen, want als er iets belangrijks te melden valt dan krijgt deze pagina een update. 

From former Rotterdam Lloyd office in Medan to the current building of the "Indonesian Plantation Entrepreneurs Association" at Medan

Via the Sumatra Hertitage Trust, we received a massage in december 2016 from the owner of the former Lloyd-office  Asuransi Jasindo at Medan. In that message the Asuransi Jasindo management did regret the impossibility to accept the Lloyd-donation. The reasons were: A. The office is not open to the public. B. There is not enough room. C. Some spaces are rented to third parties, which will make safety quarantees, etc. difficult.

Just at the right time the Sumatra Heritage Trust came with an interesting alternative that certainly can meet the goals of our museum. The only thing in this new option changes, is the exhibition location of the Donation collection. Below you can read more about the organisation with which we are already cooperating. Please follow the project developments, if there is something important to report this page will get an update.

Vereniging van Indonesische Plantage Entrepreneurs Association (IPEA) - Medan

In het kader van ons Medan-project is Voorzitter Mr. Soedjai Kartasasmita van de Indonesische Plantage Ondernemers Vereniging in Bahasa: 'Gabungan Perusahaan Perkebunan Indonesië' (GPPI) de persoon met wie onze stichting Museum al samenwerkt. In feite speelde Mr. Soedjai een belangrijke rol tijdens de Schenkingsceremonie van ons Batavia-project op 12 februari 2017 in Kota Tua - Batavia - Jakarta. Mr. Soedjai Kartasasmita heeft zijn opleiding in 1949 genoten aan de 'Landbouwschool Bogor'. Als Voorzitter van de Indonesische Plantage Ondernemers Vereniging was en is hij de belangrijkste kracht achter de  Plantage-museumprojecten en heeft de afgelopen 15 jaar gewijd aan het behoud van Medans' verleden als een van 's werelds meest succesvolle plantage-economieën, hetgeen Noord-Sumatra, met name met betrekking tot de tabaksteelt, op de wereldkaart heeft gezet. Mr. Soedjai Kartasasmita heeft meer dan 60 jaar ervaring in de agro-business, beginnend als een executive van Mira-Mare plantages (Tiedeman & van Kerchem) West-Java (1950-1955).

Indonesisch plantage Museum - Medan

In 2010 keurde de Indonesische overheid het museumproject van Mr. Soedjai goed, maar het duurde, vanwege een sterke stijging in de onroerend goed prijzen in/nabij Medan, nog enige tijd voordat een passende locatie werd gevonden.Ten slotte besloot de Plantagevereniging haar eigen kantoorgebouw te gebruiken, gebouwd in 1919 en werd in 2015 op de begane grond van het eeuwoude gebouw (ex Nillmij) omgevormd tot een museum gewijd aan Deli tabak, het gewas, waarop het moderne Medan is gebouwd. Vervolgens werd op 13 december 2016 het Indonesisch Plantage Museum (MUSPERIN) geopend en wel op op de locatie van het Palmolie Research Center (PPKS) te Medan. Het museum laat niet alleen de geschiedenis van de Indonesische plantages zien, maar geeft ook het belang van de plantages weer. Het Plantage Museum bevat foto's, objecten en kleine exposities over de producenten en de productie van palmolie-, rubber-koffie/thee-, suikerriet-, cacao- en tabaksplantages. De bedoeling is nu dat de donatie-collectie van het Royal Rotterdam Lloyd Museum aldaar zal worden toegevoegd aan de daar reeds aanwezige permanente Plantage-expositie, dus in het oude gebouw van de AVROS aan de Jalan Pemuda in de binnenstad van Medan (zie foto's hieronder).

Mr. Soedjai Kartasasmita

Indonesian Plantation Entrepreneurs Association - Medan

In the framework of our Medan-project the Indonesian Plantation Entrepreneurs Association in Bahasa: 'Gabungan Perusahaan Perkebunan Indonesia' (GPPI), Chairman Mr. Soedjai Kartasasmita is the person with whom our Museum Foundation already is collaborating. In fact Mr. Soedjai played an important role during the Donation Ceremony of our Batavia-project (February 12th 2017 at Kota Tua - Batavia - Jakarta). 

Mr. Soedjai Kartasasmita concluded his formal education at the 'Landbouwschool Bogor' in 1949. As chairman of the Indonesian Plantation Entrepreneurs Association he was and is the main mover behind Plantation museum projects, has devoted the past 15 years to preserving Medan's past as the hub of one of the world's most commercially successful plantation economies. Tobacco growing, in particular, put North Sumatra on the map when it was part of the Dutch East Indies. Mr. Soedjai Kartasasmita has more than 60 years of experience in agro-business, starting as an executive of Mira-Mare Plantations (Tiedeman & van Kerchem) West Java (1950-1955).

 

Indonesian Plantation Museum - Medan

In 2010 the Indonesian Government approved the museum project in 2010, but it took time to find an appropriate site because of a surge in real estate prices in and around Medan. Finally, the Plantation Association decided to use its own office, itself a heritage site in downtown Medan, built in 1919. In 2015 the Indonesian Plantation Entrepreneurs Association transformed the ground floor of its cluttered century-old office ex Nillmij into a museum dedicated to Deli tobacco, the crop on which modern Medan was built.

Then on 13 december 2016 the Indonesian Plantation Museum was opened on the site of the Palm Oil Research Center (PPKS) at Medan. This museum is not only showing the history of Indonesian plantations, but also the importance of those plantations. The Plantation Museum contains photos, objects and small expositions about producers and the production and of palm oil-, rubber-coffee/tea-, cacao, sugar cane and tobacco plantations. 

The intention now is that the Donation collection of the Royal Rotterdam Lloyd Museum will be added to the permanent exposition which is still to be in the old AVROS building at the Jalan Pemuda at Medan - central city (please, see pictures down below).

           Het AVROS-gebouw in 1930.

          Het 'Perkebunan Indonesia Museum' nu.

Medan - centrum

Bij de gele 'prikkers' ziet u de locatie van het Lloyd-gebouw (boven het midden) en het AVROS-gebouw (rechts onder).

CONNECTIONS BETWEEN FORMER 

SUMATRA PLANTATIONS AND ROTTERDAM LLOYD

Het vervoer door de Rotterdamsche Lloyd / Shipping by Rotterdam Lloyd

ms Weltevreden - Laden van theekisten - 1939

                                                                                                                            

ms Willem Ruys - Laden van zakken koffie - 1956

Lloydkade at Belawan - 1928

                                                                                                                                                                                                       

ss Slamat alongside and ms Indrapoera arriving - 1935

ms Mataram - Locomotief wordt gelost op de rede van Belawan - 1952

                                                                                                                                         

ms Wonorato- Laden van boomstammen - 1954

'UNIEKAMPONG' AT PORT BELAWAN

Speciaal voor havenarbeiders gebouwd

Belawan is de havenstad van Medan (aan de Oost-kust van Sumatra). Het kamp 'Unie Kampong' aan de Rokanweg was een gebouwencomplex in het havengebied dat in de jaren twintig, speciaal was gebouwd voor zo'n 800 havenarbeiders van de Rotterdamsche Lloyd (RL) en de Stoomvaart Maatschappij Nederland (SMN).

Special Built for Port Workers from Belawan

Belawan is the Port city of Medan (at the East coast of Sumatra). In 1920 the 'Uniekampong' at the Rokanweg consisted of wooden barracks and was specially built for 800 Belawan - Port workers employed by the Rotterdamsche Lloyd (RL) and the Stoomvaart Maatschappij Nederland (SMN). 

                      

Later, Jappenkamp (1942)

Direct na de inval van de Japanners in maart 1942 werd ook Unie Kampong geconfisceerd en ingericht als een kamp voor krijgsgevangenen, waaronder Indonesische-, Hollandse-, Britse- en Australische militairen. Het Zuidelijk deel werd gebruikt voor burger-geïnter­neerden (mannnen en jongens) vanuit Medan en omstreken. Beide kampen waren door prikkeldraad van elkaar gescheiden.

Later, Japanese camp (1942)

In March 1942  Japanese used the Northern part as a Prisoner of War Camp (POW-camp), among them Native-, Dutch-, British- and Australian soldiers. Civilian men and boys were prisoned in the Southern part of the camp occupied by Europeans from the Medan area, British and American planters.

De Medan - schenkingscollectie

Het eerste model, het ms Dempo, maakte deel uit van de 'Ed van Lierde-collectie' en is nu op de Lloyd-tentoonstelling in Cipta Niaga te Kota Tua-Jakarta te bewonderen. De reden dat juist dit model deel van de schenking uitmaakt is dat aldaar, op een prachtige tegelplaquette, het ms Dempo staat afgebeeld. Om meer 'verlies' uit de eigen collectie te voorkomen, is eind 2016, speciaal voor het Medan-project, een pracht model van het ms Willem Ruys aangekocht. Naast twee oude WOLTERS-schoolplaten uit de periode rond 1920, kan ook het Lloyd-affiche hieronder deel van de Schenkingscollectie gaan uit maken. (zie foto's hieronder). Het moge duidelijk zijn dat bij het samenstellen van de collectie, dat uit zo'n 50/60 items zal bestaan, de focus op plantageproducten en de Rotterdamsche Lloyd zal liggen.

Model ms Willem Ruys bestemd voor het Medan-project.

The Medan donation collection

 

Our first Donation model ms Dempo was destined for the Lloyd-exibition in Cipta Niaga, Kota Tua - Jakarta and was part of the Ed van Lierde-collection. The exact reason why is a big and beautiful tile plaque in Cipta Niaga with the passenger ship Dempo on it. To avoid more 'loss' from the own collections a model of ms Willem Ruys (please, see picture above) has been purchased in September 2016. Besides the model of this Royal Rotterdam Lloyd flag ship, the exact contents of the donation-collection will depend on attuning between parties involved in order to get the most relevant items to Medan. It will ber obvious that for a consirerable part the focus will lie on Plantation products and Rotterdam Lloyd. Besides the beautiful, well kwown, old school Illustrations (WOLTERS) from and around 1920, the framed Lloyd poster below-right could also be part of the Donation collection which consists of about 50/60 items.

 

Vier Coronas met Rotterdamsche Lloyd sigarenbandje en enkele 'Wilde Medan' sigaren.

Roemrucht Lloyd-affiche van Johann von Stein.

 

 

FONDSENWERVING / FUNDRAISING MEDAN/BELAWAN-PROJECT

In een vroeg stadium al, liet de Nederlandse ambassade te Jakarta-Indonesia zich als een fervent supporter van onze Indonesië-projecten zien. Tijdens de voorbereidingen van het Batavia-project te Jakarta - Kota Tua (12 februari 2017) werd officieus bekend gemaakt dat de Nederlandse Ambassade ook ons Medan-project zou gaan ondersteunen (financieel en daadwerkelijk). Inmiddels is dat op 11 oktober j.l gebeurd, waarmee het Medan-project haar 'Groene licht' heeft kunnen krijgen en de voorbereid-ingen definitief in gang zijn gezet. 

Website: http://indonesia.nlembassy.org

 

 

Damen Schelde Naval Shipbuilding heeft eveneens besloten het Medan-project te ondersteunen. De heer Hein van Ameijden, President-directeur van deze scheepswerf en lid van ons Comité van Aanbeveling, geeft naast deze financiele steun tevens belangrijke adviezen, zoals hij dat ook voor het Batavia-project heeft gedaan. Damen/Schelde heeft, samen met Indonesische partners, een scheepswerf in Surabaya opgezet.

Website:  www.damen.com/en/companies/damen-schelde-naval-shipbuilding

De Hagedoorn Stichting te Rijswijk heeft medio juni 2016 besloten het Batavia-project, met een significante bijdrage, financieel te ondersteunen. Eind november 2016 kregen wij het heuglijke bericht dat de Hagedoorn Stichting ook het Medan-project gaat supporten. Wij danken het bestuur voor deze derde, uitgebreide steun, want de première van de Slamat-documentaire op 2 mei 2015 werd ook al door De Hagedoorn Stichting hen gesteund. 

Website:  www.hagedoornstichting.nl

Het doel van de Marinus Plantema Stichting te Heemstede, die in 1983 is opgericht, is het bevorderen van bilaterale relaties tussen Nederland en Indonesië op het gebied van cultuur, onderwijs en wetenschap. Het bestuur heeft daarom in juni 2017 kunnen/willen besluiten ons Medan-project financieel, op een substantiele wijze, te ondersteunen.

De Marinus Plantema Stichting is vernoemd naar de heer Marinus Plantema, in leven directeur van de Bank of Java en later van Bank Mees & Hope. Toen de heer Plantema in 1982 overleed, besloot zijn vrouw een deel van het familielandgoed in de Stichting met bovengenoemde doelstelling onder te brengen.

Website: www.marinusplantemafoundation.nl

PARTICULIERE DONATIES

    

Geweldig om vast te mogen stellen dat, notabene, familieleden van onze Slamatslachtoffers de eersten waren die het Medan-project financieel flink op gang hebben geholpen. Wij noemen: Slamatdochter Hetty Kroon-de Boo (tweede van links), Slamat-schoonzoon Rob Kroon (uiterst links) uit Voorschoten en Slamatdochter Anje ten Have uit Eindhoven (rechts op de foto).

Pasfoto rechts: Oud- Lloydopvarende, Puck Willemstein te Zundert. Voor drie projecten hebben wij van Puck, drie maal een hoge en zeer gewaardeerde bijdrage mogen ontvangen, zo ook voor ons Medan-project.

Zonder foto: Raoul Veugen uit Maastricht, zoon van oud Lloyd-Werktuigkundige Jo Veugen.

Het Bestuur en de Directie van het Hendrik Muller Fonds uit Den Haag heeft besloten het Medan-project te steunen. Het Fonds steunt in de regel diverse culturele doelen van landelijke betekenis, onder andere: restauratie van rijksmonumenten zoals belangrijke kerken, orgels en kunstvoorwerpen, wetenschappelijke seminairs in het kader van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en van Nederlands cultuurbehoud en andere culturele en wetenschappelijke doelen ter beoordeling van het bestuur.

Website: www.mullerfonds.nl

Begin 2015 al, mochten wij in het kader van onze Slamat-documentaire, een financiële bijdrage van STOER (Stichting Organisatie van Effectenhandelaren te Rotterdam) ontvangen. Nu gaat STOER ons ook met het Medan-project op weg helpen, waarvoor onze méér dan hartelijke dank! STOER heeft het verlenen van financiële steun aan onderzoek, studie en publicaties op financieel economisch gebied in haar doelstelling. Ook het ondersteunen van sociaal-culturele activiteiten heeft de aandacht van deze organisatie en dat laatste is vast het motief voor de bijdrage geweest.

De Stichting Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum werkt op vrijwilligersbasis en ontvangt geen structurele subsidies. De inbreng van ons Museum in dit MEDAN-project is derhalve hoofdzakelijk gebaseerd op de inbreng van Vrijwilligers en dus 'In Natura'. Daar waar aan het eind van het traject een financiële aanvulling moeten worden gedaan, zal dat via beperkte inbreng van aanmonstergelden kunnen gebeuren.                                                                                  

Website: www.krlmuseum.nl 

SPONSOR THERMOMETER MEDAN-PROJECT

   

 95%

(11 oktober 2017)

Helpt u ons mee door het Medan-project het laatste financiële zetje te geven?

Graag contact opnemen met Ed van Lierde, telefoon: 0516-463644, e-mail: krl-museum@kpnmail.nl 

 

 

 

 

 

 

 

HOOFDPROJECT: 'GORDEL VAN SMARAGD'

BOGOR - PROJECT

In voorbereiding op het Medan-project had Mr. Soedjai Kartasasmita (Voorzitter van de Indonesische Vereniging van Plantage Ondernemers en voorzitter van het Indonesisch Plantage Museum, beide te Medan) bestuursvoorzitter Ed van Lierde van het KRL-Museum en echtgenote uitgenodigd voor een bezoek bij PT-RPN te Bogor. Dit instituut doet voor veertien overheidsplantages onderzoek en ontwikkeling. We spreken hier over Palmolie-, Rubber-, Cacao-, Koffie-, Thee-, Rietsuiker- en Kina-producten die door de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd en al haar voor gangers in de vaart op Nederlands Indië en Indonesië, in enorme hoeveelheden vervoerd zijn. Bij het bezoek aan PT-RPN - Bogor ging het met name over het plantageproduct: 'Rubber'.

Dit bezoek leverde twee belangrijke dingen op, namelijk: a. een prachtige manier om enigszins thuis te geraken in een materie die bij ons museum minder bekend, maar bij Nederland overbekend is. b. De vraag van dit instuut aan het KRL-Museum ook in hun museum een Rotterdamsche Lloyd collectie onder te gaan brengen. 

Mr. Soedjai Kartasamita

In preparation for the Medan-project Mr. Soedjai Kartasasmita (Chairman of the Indonesian Plantation Entrepreneurs Association and Chairman of the Indonesian Plantation Museum, both at Medan.) invited Chairman Ed van Lierde of the Royal Rotterdam Lloyd Museum and his spouse for a visit to PT RPN - Bogor which is a subsidiary Research & Development company of fourteen state owned plantation enterprises. In fact, this visit was a wonderful way to get familiar with an area which in former days was very well known to the Dutch. We are talking about Palm oil, Rubber, Cacao, Coffee, Tea, Sugar Cane and Kina, products shipped in huge quantities by for instance the Royal Rotterdam Lloyd and all its predecessors during her voyages from the Dutch Indies back to The Netherlands. The keynote of this PT-RPN-visit at Bogor was the plantation product: 'Rubber'.

  

Director: Dr. Ir. Teguh Wahyudi M. Eng.  

Kantor Pusat Penelitian Karet - Bogor.

In ruimte-12 komt mogelijk de Lloyd-collectie.

Kunjungan Pendiri sekaligus Presiden dari Royal Museum Rotterdamsche Lloyd – Belanda ke PUI Bioteknologi dan Bioindustri di Bogor - 13 Februari 2017.

Bezoek van Oprichter en Voorzitter van het Koninklijke Museum Rotterdamsche Lloyd Museum - Nederland en echtgenote aan Pui Biotechnologie en Bio-industrie in Bogor - 13 februari 2017.

Visit of Founder and Chairman Royal Rotterdam Lloyd Museum Foundation - The Netherlands and spouse to Pui Biotechnologie en Bio-industry at Bogor - February 13th 2017

Nederlandse gasten bij Indonesische gastheren/-dames

Het rubber wordt uit een metalen mal geklopt.

       

Machine waarmee NPV-rubberlaarzen worden gemaakt. 

Zwaar rubber fundamentblokken tegen de gevolgen van aardbevingen.

                             

Aardbevingproof rubberfundament met PVC-buis.

Enkele items uit de voorgenomen Bogor - schenkingscollectie

Het eerste model, het ms Dempo, maakte deel uit van de 'Ed van Lierde-collectie' en is nu op de Lloyd-tentoonstelling in Cipta Niaga te Kota Tua-Jakarta te bewonderen. Het tweede scheepsmodel het ms Willem Ruys gaat naar Medan en voor het Bogor-project is een scheepsmodel nog onderwerp van discussie. Mogelijkheden (nog niet definitief!) zijn: het passagiersschip ms Sibajak of het vrachtschip ss Bogor. De Lloyd-affiche en de Djongoss hieronder kunnen ook deel van de Schenkingscollectie worden. (zie foto's hieronder). 

 

Some artifacts from the intended Bogor Collection

Our first Donation model ms Dempo was destined for the Lloyd-exibition in Cipta Niaga, Kota Tua - Jakarta and was part of the Ed van Lierde-collection. The second ships' model: passenger liner mv Willem Ruys is destined for Medan and for this Bogor-project the discussion about the passenger liner mv Sibajak or freighter ss Bogor is still going on. The Lloyd poster and  uniformed Djongoss showed below could also be part of the Donation collection which consists of about 50 à 60 artifacts.

One of the famous Rotterdam Lloyd Posters.

Rotterdam Lloyd Djongoss

 

FONDSENWERVING / FUNDRAISING BOGOR-PROJECT

Financieel gezien, krijgt het BOGOR-project, uiteraard pas het 'goene licht' als de benodigde fondsen zijn geworven. Hier beneden geven wij niet alleen aan welke fondsen met dit project meedoen, maar ook kunt u, helemaal onderaan, lezen welk percentage van de totale begroting al door deze fondsen is toegezegd.

Financially, the BOGOR project, of course, gets its 'green light' if sufficient funds are available. Below, one can read, not only which funds are participating, but also what percentage of the total budget already has been pledged.

   
   

De Stichting Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum werkt op Vrijwilligersbasis en ontvangt geen structurele subsidies. De inbreng in het BOGOR-project door het Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum zelf, is derhalve hoofdzakelijk gebaseerd op de inbreng van Leiding en Vrijwilligers en dus 'In Natura'. Daar waar aan het eind van het traject een financiële aanvulling moeten worden gedaan, zal dat via beperkte inbreng van aanmonstergelden gebeuren.                                                                                  

Website: www.krlmuseum.nl 

SPONSOR THERMOMETER BOGOR-PROJECT

   

 5 %

 

 

 

 

 

 

 

UITGEBREIDE VERSLAGGEVING OVER HET 

BATAVIA - PROJECT

voorbereiding en uitvoering van het project: februari 2016 - februari 2017

EXTENSIVE REPORT ON THE BATAVIA PROJECT

from February 2016 - February 2017

Het begon allemaal met een tipgever

Medio februari had onze voorzitter een uitgebreid gesprek met een oud-ambtenaar van de gemeente Utrecht, die in Batavia geboren was. Deze oud-ambtenaar was begin februari 2016 in Jakarta geweest en had ontdekt dat er een restauratieproject gaande was waarin de voormalige gebouwen van de Rotterdamsche Lloyd met veel Indonesisch geld werden opgeknapt, hij fotografeerde het gebouw en liet details zien van de, méér dan prachtige, RL-erfgoed-items. Zie de glas-in-lood ramen hierboven - Vlnr.: Het wapen van de stad Batavia, het Logo van Rotterdam Internatio, het wapen van de stad Rotterdam, het logo van de Rotterdamsche Lloyd en wederom het wapen van Batavia. Achter de pilaar is half-zichtbaar het wapen van de stad Soerabaja.

Weer in Nederland belde onze tipgever het KRL-Museum op en tijdens het gesprek al borrelden bij onze voorzitter ideeën naar boven over een heel interessant project dat mogelijk op breed enthousiasme zou kunnen gaan rekenen.

           

Maquette van het restauratie project: 'Cipta Niaga'         3D-model gebouwd door Miniworld (schenking Batavia)

 

Restauratie van voormalige Rotterdamsche Lloyd-gebouwen in Indonesië stimuleren en waarderen

Locatie

Met het BATAVIA-project wil het Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum, de Indonesiche restaurateurs en de instanties die dit financieel mogelijk hebben gemaakt, waardering geven voor de restauratie van het Lloydgebouw 'Tjipta Niaga' in het vroegere Batavia (nu Kota Tua genoemd) aan de vroegere Kali Besar-hoek-Theewaterstraat (nu CIPTA NIAGA aan de Kali Besar Timur -hoek-Kali Besar Timur-4). Het KRL-Museum wil deze waardering inhoud geven door uiteindelijk een schenking onder bepaalde voorwaarden te doen, bestaande uit een waardevolle aanvulling op de erfgoedwaarde van het gerestaureerde gebouw. 

Eigenaar/huurder

Het KRL-Museum wil inhoud geven aan haar waardering door een schenking onder bepaalde voorwaarden te doen, bestaande uit een waardevolle aanvulling op de erfgoedwaarde van het gerestaureerde gebouw. De huidige eigenaar is de Indonesische overheid, terwijl het pand voor 20 jaar wordt geleased door “PT Pembangunan Kota Tua, Jakarta-Indonesia” (JOTRC-PKTJ), met haar CEO Mr Eddy Sambuaga waarmee het Koninklijke Rotterdamsche Lloyd museum in september 2016 al een Donation Agreement heeft getekend.

      

Vóór restauratie - 2014                                   en                                       ná restauratie - 2016

Het enthousiasme slaat inderdaad over

In ons museummagazine 'Lloyd-Kompas' werd eind februari al een 'tipje van de sluier opgelicht'. Het artikel in Lloyd-Kompas wekte de nieuwsgierigheid van de directeur van Damen Schelde Naval Shipbuilding, tevens lid van ons Comité van Aanbeveling, Mr. Hein van Ameijden. Binnen enkele weken had Hein van Ameijden zijn relaties in Indonesië ingeschakeld, waaronder de Nederlandse Ambassade in Jakarta en de Policy adviseur van de Indonesche minister van Nationale ontwikkelingsplanning. Al ras bleek dat ingelichte organisaties enthousiast over het project waren en alle medewerking toezegden. Zo zal de Nederlandse Ambassade te Jakarta de altijd lastige, invoer van collectie-items begeleiden. Dr. Michael Rauner, Hoofd Culturele Zaken/Directeur Erasmushuis) en Hein van Ameijden (Damen/Schelde) zullen hun netwerken in Indonesië optimaal voor 'ons goede doel' inzetten. Inmiddels heeft het Indonesische Ministerie van Cultuur en Toerisme aangegeven dat zij bereid zijn de schenkingscollectie te ontvangen. Wij hopen en denken dat dit de invoer van de collectie zeker zal vergemakkelijken.

Tegelplaquette met ons mailschip 'ms Dempo' (foto Hein van Ameijden)

                                     

Foto Internet - 2015

                                                                                        

Foto Leo Knottenbelt - 2014

            

                                                        Foto KRL-Museum 1941                                                           

ZO WAS HET IN 1931

                                                                                

                   De klantenbalie (foto KRL-Museum)                         

 Medewerkers in het kantoorgedeelte (foto KRL-Museum)

                   

Het bezoekers/klanten gedeelte met achterin een ss Insulinde scheepsmodel in vitrine (foto KRL-Museum)

ss Insulinde scheepsmodel in vitrine (foto KRL-Museum)

De Lloydkade te Tandjong Priok

Tandjong Priok: Vlnr. ms Willem Ruys en ms Sibajak - 1948

 

 

 

De Batavia-donatie van het Rotterdamsche Lloyd Museum 

In juli 2016 werd, tot grote vreugde, bij fondsenwerving voor het Batavia-project duidelijk dat het enthousisme van dien aard was dat al snel 100% van de projectbegroting werd toegezegd (zie de paragraaf: Fondsen/sponsors hieronder). De Batavia-Schenkingscollectie bestaat uit een vijftig-tal items, dat ons Museum naar Indonesië wil brengen om deze items te 'verenigen' met het Lloyd-erfgoed dat vast in het gebouw aanwezig is en uiteraard met het bebouw zelf. Het meest opvallende en grootste item is het scheepsmodel van de Dempo. Voor dit scheepsmodel is gekozen omdat de Dempo prominent op onderstaande tegelplaquette, in het trappenhuis van Cipta Niaga, staat (zie foto hieronder):

Vlnr. Nikolaus Lim (Retail and Business Director-JOTRC), Eddy Sambuaga (Managing Director JOTRC), Andy Budiman (PR-manager JOTRC- en Ed van Lierde (Chairman Lloyd Museum) alle vier wijzend naar de Dempo!


Het donatiemodel van het motorschip Dempo

Binnen de schenking behoort ook een vitrine, een aangeklede Djongos en een grote foto van het ss Patria die aan de kade van Tandjong Priok ligt - 1930. Deze items worden in Jakarta aangeschaft. De overige items komen uit de 'Ed van Lierde'-collectie, waarvoor dus alle fondsen zijn geworven. Het geheel wordt gecomplementeerd met een Lloyd-affiche (ms Baloeran/JAVA-SUMATRA), diverse originele foto's, anichtkaarten, bagagelabels, reisdocumenten voor Batavia en een aantal memorabilia. Als de donatie een feit is, zullen wij hieronder foto's van de gehele schenkingscollectie laten zien.

 

 

VOORBEREIDING DONATIE-CEREMONIE 

IN FEBRUARI 2017

1e Jakartareis: 1 t/m 9 oktober 2016

Bezoek aan de ontvanger van de Lloyd-donatie en het oude Rotterdamsche Lloydkantoor 'Cipta Niaga' te Batavia (Kota Tua - Jakarta)

De geweldige restauratie maakt doneren méér dan waard!

'Heritage-in-transition' foto van Isabelle-boon

Een prachtige ruimte direct onder het nieuwe dak

 

Een geweldige plek voor een Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum? - Foto Hein van Ameijden

De indrukwekkende tegel-plaquette van de Rotterdamsche Lloyd

Een blij trio, Vlnr: Ed van Lierde, Eddy Sambuaga en Michael Rauner

Kijkend naar het Rotterdamsche Lloyd erfgoed (boven) .... om stil van te worden!

De elctriciteitsvoorziening zonder kast

De prachtige glas-in-lood ramen, vlnr: het wapen van Batavia, het logo van Rotterdam-Internatio, het wapen van Rotterdam, het logo van de Rotterdamsche Lloyd, herhaling van Batavia en Internatio en net niet zichtbaar het wapen van Soerabaja.

De heren betreden het trappenhuis dat doet denken aan het trappenhuis van het kantoor aan de Lloykade. De Djongos en (nog lege) vitrine geven aan hoe de Lloyd-donatie zou kunnen worden opgesteld. Enkele meters boven de kast de glas-en-lood ramen

Het gedeelte wat nog in restuaratie is

Alleen het dak moet er nog op!

Michael Rauner Twittert deze foto

Het achterste deel van Cipta Niaga is nog in restauratie,

1e verdieping: toilet en goederenlift

Nog 'n (vermakelijke) twitter van Michael

Tropisch hout, dus niet uit Oisterwijk

Het dak is met zware ijzeren binten verstevigd

Na het bezoek aan 'Cipta Niaga' naar het 'Batavia Café'

Onze Oranje-vorsten zijn nog steeds 'in' .....

Napraten in Nederlandse sfeer

                                                                 

President Soekarno en 'n Lloydf-affiche aan dezelfde wand

Zo populair is Cipta Niaga ......... het gebouw staat rechts op een 'tempo doeloe' T-shirt!

 

In de directe omgeving van Cipta Niaga ......... veel prachtig gerestaureerde koloniale gebouwen

Stasiun Jakarta

Kantor Pos

Het voormalige stadhuis-Batavia


 

MEDIA OVER BATAVIA-PROJECT

 

HERDENKING OP HET NEDERLANDSE EREVELD - ANCOL 

Plechtige ceremonie bij de graven van zestien Modjokerto-bemanningsleden

     Jakarta - vrijdag 7 oktober 2016

                             

De Chinese bemanningsleden zijn begraven op het ereveld KEMBANG KUNING te Surabaya.

Zie voor meer informatie en foto's website-link: http://www.krlmuseum.nl/rlsloep.html

 

een Batavia bagagesticker/label van vóór WW II

 

FONDSENWERVING BATAVIA-PROJECT

 

      

 

De heer Hein van Ameijden is, zoals bekend, President-directeur van Damen Schelde Naval Shipbuilding en tevens lid van ons Comité van Aanbeveling. Door deze beide functies en door zijn grote interesse in Indonesië raakte hij in een vroegtijdig stadium bij ons Batavia-project betrokken en heeft, gebruikmakend van zijn extensieve netwerk, dit project direct al een 'boost' gegeven. Daarnaast zal Hein van Ameijden het Batavia-project 'in natura' steunen door sponsoring van project-reiskosten. Damen/Schelde heeft, samen met Indonesische partners, een scheepswerf in Surabaya opgezet.

Website:  www.damen.com/en/companies/damen-schelde-naval-shipbuilding

De Hagedoorn Stichting te Rijswijk heeft medio juni 2016 besloten het Batavia-project, met een significante bijdrage, financieel te ondersteunen. Het is prachtig te kunnen vaststellen dat deze donatie ons museum is gegund in exact dezelfde maand waarop haar oprichter, Jan Hagedoorn (1926-2011) werkzaam in de reiswereld, elf jaar lang honderd personen op een dagje uit trakteerde (inclusief excursies, lunch en diner). Met het geld dat hij na zijn overlijden achterliet, worden nu door 'De Hagedoorn Stichting', organisaties die een ANBI-status bezitten, ondersteund. Wij danken het bestuur voor dit tweede, uitgebreide support, want de première van de Slamat-documentaire op 2 mei 2015 werd door hen gesteund.

Website:  www.hagedoornstichting.nl

Puck Willemstein

Wij zijn aangenaam getroffen door de, meer dan gulle, donatie van Puck Willemstein, oud Koninklijke Rotterdamsche LLoyd Bediende van het ms Willem Ruys. Naast financiele steun geeft Puck ons museum voor de tweede keer een morele boost, want de première van de Slamat-documentaire op 2 mei 2015 werd ook door hem gesteund, waarvoor wij hem uiteraard zeer erkentelijk zijn! De helft van de bijdrage van Puck Willemstein hebben wij ten goede laten komen aan zowel het Batavia-project als het Medan-project.

Eerder steunde de De Rens-Holle Stichting ons museum met de Slamat-documentaire en de première daarvan. In het kader van het Batavia-project mogen wij ons wederom verheugen op haar support.  Met een rijksdaalder op zak vestigde oprichter, Daan Rens zich in de 19e eeuw in Nederlands Indië en zette samen met zijn echtgenote Pica Holle en broer, Jan Rens vervoersbedrijfjes (rijtuigfabrieken, paardenhandel, smederijen, etc.) in o.a Batavia, Medan, Soerabaja, Semarang, notabene, de vier steden waar ons Indonesieproject: 'Gordel Van Smaragd', te beginnen met het Batavia-project zal worden uitgevoerd.

Website: www.kennisbankfilantropie.nl/anbi/rens-holle

 

De Nederlandse ambassade te Jakarta-Indonesia liet zich al in een vroeg stadium als een fervent supporter van onze Indonesië-projecten zien. De zeer welkome steun van de Ambassade krijgen wij niet alleen middels belangrijke adviezen en daadwerkelijk hulp van Dr. Michael Rauner, hoofd Culturele Zaken en directeur Erasmus Huis, maar nu ook met een significante financiële steun voor ons project. Begin oktober a.s. vliegt onze voorzitter naar Jakarta en zal daar, samen met de Nederlandse Ambassade, beprekeingen met belanghebbende partijen hennen en voorbereidingen voor de officiële schenkingsdag in November (?), treffen. Wij danken de Nederlandse Ambassade voor haar onmisbare en genereuze steun!

Website: http://indonesia.nlembassy.org

De Stichting Koninklijke Rotterdamsche Lloyd werkt op Vrijwilligersbasis en ontvangt geen structurele subsidies. De inbreng van ons Museum in dit Batavia-project is derhalve hoofdzakelijk gebaseerd op de inbreng van Vrijwilligers en dus 'In Natura'. Daar waar aan het eind van het traject een financiële aanvulling moeten worden gedaan, zal dat via beperkte inbreng van aanmonstergelden gebeuren.

SPONSOR THERMOMETER BATAVIA-PROJECT

 100%  

 

 

SCHENKINGSCEREMONIE  VAN HET BATAVIA-PROJECT

12 FEBRUARI 2017

KOTA TUA / BATAVIA - JAKARTA / INDONESIA

Tjipta Niaga - vroeger

Cipta Niaga gerestaureerd - 2017

Donatie-gever en Donatie-ontvanger

Rechts: CEO Mr Eddy Sambuaga, PT Pembangunan Kota Tua, Jakarta-Indonesia” (PKTJ)

Links: Voorzitter Ed van Lierde van de Stichting Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum.

Na een jaar voorbereiding is op zondag 12 februari 2017 te Batavia-Jakarta de schenkingsceremonie van het Batavia-project gehouden. Gepland was dat onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mevrouw Jet Bussemaker het project van het Koninklijke Rotterdamsche Lloyd Museum symbolisch zou opstarten. Echter, zeer urgente medische omstandigheden aan boord van haar vliegtuig, waren er de oorzaak van dat de Minister niet op tijd in Jakarta kon verschijnen. Tijdens haar Garuda-vlucht kreeg één van de passagiers een hersenbloeding waardoor het vliegtuig direct naar Medan moest uitwijken ........... heel erg terecht, maar wel 'BAD LUCK' of zoals ze in Indonesië zeggen: 'NASIB BURUK'.  

In samenwerking met Ineke de Hoog, Deputy Head Public Diplomacy & Cultural Affairs van de Nederlandse Ambassade te Jakarta heeft onze Bestuursvoorzitter Ed van Lierde de programmering ter plekke aangepast en werd een waardige plaatsvervanger van de Minister gevonden in de persoon van de Voorzitter van de Vereniging van Indonesische Plantage Ondernemers, de heer Soedjai Kartasasmita. Hij is degene die, in het kader van het volgende project (het Medan-project), nu al uitgebreid met ons museum samenwerkt. Terwijl de ceremonie rond 17.00 uur werd opgestart, was Michael Rauner, Head Cultural Affairs achter de schermen druk doende om het programma van de Minister weer op de rails te krijgen. Dat lukte uiteindelijk zodat Minister Bussemaker de eveneens geplande bijeenkomst op de residentie van de Nederlandse Ambassadeur Rob Swartbol, kon bijwonen. Hieronder een fotoverslag van zowel de schenkingsceremonie, de voorbereiding daarvan en de ontvangst bij de Nederlandse Ambassadeur.

VOORBEREIDING SCHENKINGSCEREMONIE

                                                                                                                                                                                                                   

Denny, Sugiarto en Gideon aan de slag met een verrassing en met de onderdelen van de RL-Djongos.

                                                        

Ed en Sugiarto proberen het model van de Dempo heel uit de vervoerskist te krijgen.

                                                                                                                                                                                                                                                                                                         

Sugiarto en Denny leggen de Djongos-puzzel.

De Lloyd-expositie is bijna gereed.

                                                                       

Het resultaat aan bakboord.

Het resultaat aan stuurboord.

DE SCHENKINGSCEREMONIE - 12 februari 2017 om 17.00 uur


In het voormalige Rotterdamsche Lloydgebouw "Cipta Niaga" te Kota Tua (Batavia), precies onder de oude, indrukwekkende Rotterdamsche Lloyd glas-in-lood ramen, is gezamenlijk erfgoed weer samengebracht.

                                                            

Onze gasten wachten geduldig op wat er gaat gebeuren, Ineke de Hoog van de Nederlandse Ambassade en Bestuursvoorzitter, Ed van Lierde passen snel het ceremonieprogramma aan. Helemaal links Bob Wardhana van de Ambassade.

Ineke de Hoog van de Nederlandse Ambassade neemt het inleidende woord.

Ed van Lierde houdt zijn, op de valreep, aangepaste speech terwijl Ineke de Hoog en onze Batavia- en Medan-partners toehoren. De fondsen die dit project mogelijk hebben gemaakt, werden bendankt voor hun financiele en daadwerkelijke bijdragen.

Eddy Sambuaga, onze Batavia-project-partner, houdt zijn speech (foto Nederlandse Ambassade).

Beide erfgoedpartners ondertekenen de donatieovereenkomst, vlnr: Ed van Lierde en Eddy Sambuaga.

                                                                  

Eddy Sambuaga geeft Ineke de Hoog een geschenk voor Minister Bussemaker (foto Nederlandse Ambassade).

 

 

Ed van Lierde krijgt een cadeau van de Nederlandse Ambassade (foto Nederlandse Ambassade).

Soedjai Kartasasmita. onze partner in het Medan-project, brengt symbolisch beide erfgoeddelen bijelkaar. 

De hoofdpersonen met een 'thumbs up'. Vlnr: Soedjai Kartasasmita, Ineke de Hoog, Ed van Lierde en Eddy Sambuaga.

                                                                            

Vlnr: Ineke de Hoog, Soedjai Kartasasmita en zijn schoonzoon, tevens fotograaf.

Het model van het voormalige Lloyd-kantoorgebouw speelt, als onderdeel van de donatie, een symbolische hoofdrol.

ONTVANGST DOOR NEDERLANDSE AMBASSADEUR EN ONTMOETING MET MINISTER

De Nederlandse Ambassadeur Rob Swartbol, Josje en Robbert van de Rijdt (OGS).

Head Cultural Affairs, Michael Rauner staat letterlijk en figuurlijk achter Minister Jet Bussemaker.

Minister Jet Bussemaker krijgt van Ed van Lierde een cadeau namens Eddy Sambuaga.

Minister Bussemaker, Soedjai Kartasasmita, Michael Rauner en onze Voorzitter bespreken het aankomende Medan-project.

Minister Jet Bussemaker in gesprek met Ambassadeur Rob Swartbol (foto's links en rechts: Nederlandse Ambassade).

Vlnr. Plaatsvervangend Ambassadeur Ferdinand Lahnstein, Josje van Lierde, Ed van Lierde, Mevrouw Lahnstein en Robbert van de Rijdt (Directeur oorlogsgravensstichting).

      

 

 

 

 

 

 

 

DE GESCHIEDENIS VAN DE ROTTERDAMSCHE LLOYD

EN NEDERLANDSCH INDIË

 

 

In het 'INDISCHE BOEK DER ZEE' uitgegeven in 1925 te Weltevreden en onder redactie van
Dr. D.A. Rinkes, N. van Zalinge en J.W. de Roeveren geschreven, kan men het volgende lezen:
 
 
“Reeds in September van het jaar 1844 gaf de heer Willem Ruys I. Dzn. te Rotterdam van zijn belangstelling blijk, door mede den stoot te geven tot een expeditie welke van Rotterdam uit naar Batavia met een zeilschip ondernomen werd. Meerdere schepen onder beheer van deze reeder volgden en nadat in December 1860 de oprichting van Willem Ruys en Zonen had plaats gehad, werden ook spoedig schepen met stoomvermogen in de vaart gebracht. Eerst in 1872 werd de eigenlijke basis gelegd voor den tegenwoordigen “Rotterdamsche Lloyd” en in Juni 1883 ontstond de huidige Stoomvaart Maatschappij “Rotterdamsche Lloyd” en werd van Rotterdam uit bijgedragen tot het scheppen van een deugdelijke “brug” tusschen moederland en koloniën. De jonge reederij onderhield aanvankelijk met zeven schepen een veertiendaagschen dienst op Java en Sumatra . Deze uitbreiding heeft uiterst geleidelijk plaats gehad en zij is geenszins het gevolg van slechts enkele zeer voorspoedige jaren. Zonder overhaasting opgebouwd en vergroot uit baten door onafgebroken, oordeelkundig arbeiden, is deze maatschappij geworden wat zij thans is.

Wij zullen ons niet verdiepen in een opsomming der verschillende tegenspoeden en rampen, welke de Rotterdamsche Lloyd sinds haar oprichting zoowel vóór, als in en ná den grooten wereldoorlog (redactie: Eerste Wereldoorlog) heeft moeten doormaken, doch volstaan met er op te wijzen, dat, dankzij het voorzichtige, krachtige beleid der leiding, zelfs de heftigste tegenslagen den groei dezer thans zoo uiterst gezonde onderneming niet hebben kunnen stuiten”.
 
 
Samen met haar zuster, Stoomvaart Maatschappij Nederland (SMN) te Amsterdam heeft de Stoomvaart Maatschappij Rotterdamsche Lloyd voor velen de inleiding, afleiding en het slot gevormd van een arbeidszaam bestaan in onze koloniën en hare slanke, lichtgrijze mail- en vrachtschepen met zwarten schoorsteen zijn in onze Oost-Indische wateren een even bekend verschijnsel als nijvere karbouwen in de rijstvelden van Java”. 
 
Uit bovenstaande, méér dan 80 jaar oude, tekst moge duidelijk blijken dat de directie van de Rotterdamsche Lloyd met de vaart op Nederlands- Indië niet alleen een stevige basis heeft kunnen leggen voor een van de meest roemruchte Nederlandse rederijen, maar is door het onderhouden van het “fysieke” contact (personen en goederen) met Nederlandsch-Indië tevens een zeer belangrijk factor geweest in de ontwikkeling van de “Gordel van Smaragd” en daarmee in de ontwikkeling van Nederland zelf.
 
Aan de Indiëvaarder werd in die tijd enige “hygiënische” regels in dichtvorm meegegeven:
 

TROU-HERTIGE  AENSPRAEK  AEN  DEN  OOST-INDIË  VAARDERS

Wilt ghy verre Reysen varen
Na Ost-Indien Land,
Daer de Sonne ijverigh brandt,
Wilt de vreemde Vrouwen sparen,
Neemt oock op U drincken acht,
En verschoont U kleedren sacht,
Suyver zijn verlengt u jaren.

 

DE WEG NAAR OOST-INDIË

In 1492 werd Amerika door de Spanjaard, Cristoffel Columbus Amerika ontdekt. Columbus heeft tot op de dag van zijn dood gedacht dat hij toen de weg naar Indië had gevonden en dat de eilanden (Bahama’s) die hij had ontdekt tot Azië behoorden. Toen bekend werd dat het om een ander, nieuw werelddeel ging, bleef men de bewoners van Amerika “Indianen” noemen en wij Nederlanders spreken nog steeds van West-Indië.
 
 
Vijf jaar later rondde de Portugees Bartolomeus Diaz de Kaap de Goede Hoop en bereidde daarme de weg Naar India voor van (1489). In de eeuw daarop breidden de Portugezen hun invloed en macht in het Oosten steeds verder uit, waardoor er een levendige (specerijen-) handel ontstond. Echter, de Hollanders hadden in hun omgang met Spaanse en Portgeese zeelieden zoveel geleerd dat zij bijna zelf de weg naar Indië konden vinden. In 1592 had Plancius (een leerling van Mercator) al een twintigtal zeekaarten voor de route naar Indië gemaakt, de Hollanders waren er helemaal klaar voor!
 
De voorgeschreven VOC-route
 
Winden en zeestromingen bepaalden hoe de zeilschepen konden varen. Door het spel van passaat- en moessonwinden, windstiltes en zeestromingen was een exact vastgestelde vaarroute uiteraard onmogelijk. Vanuit “Het Kanaal” zeilde men de Atlantische Oceaan op. Men koerste via Madeira en Porto Santo ten westen van de Canarische Eilanden naar de Kaapverdische Eilanden. Hierna volgde een moeilijk stuk. Windstiltes, tegendraadse stromingen en winden bemoeilijkten het zeilen Vandaar dat de VOC haar schippers beval een route te volgen die de schepen ervan behoedde te ver naar het oosten of het westen af te wijken. Dit zogenaamde Wagenspoor was een “weg” (gevormd door twee denkbeeldige lijnen op de zeekaarten) waarbinnen de schepen moesten varen om niet af te dwalen van de snelste vaarroute. Men had er alle belang bij dit juiste spoor te volgen, want hoe sneller men vaarde hoe hoger de premie.
 
VOC - Proviand en verversingshavens

De Kaapverdische Eilanden die pal op de Oost-Indië-route lagen zagen geregeld Nederlandse vloten in hun havens aanmeren. Het eiland San Tiago (Sint Jago) met Praia als haven werd het meeste aangedaan. Normaal gesproken ankerden de Hollandse vloten enkel voor de Engelse- en Kaapverdische kusten. Andere havens werden slechts per uitzondering, meestal in noodgevallen aangedaan. Rond 1650 werd meer belang gehecht aan vers water, vlees, groenten en fruit werd en er werd besloten een permanente post te installeren. 1652 werd een provianderingspost aan “Tafelbaai” aan de Kaap geopend en praktisch door elk schip op heen- of terugreis aangedaan. De Kaap werd een tevens aangename plaats om verse krachten op te doen, iets waar alle opvarenden naar uitkeken.

Na de Kaap moesten de VOC-schepen ongeveer 3800 nautische zeemijlen Oostwaarts zeilen om daarna Noordwaarts af te buigen. Vroeger werd langs de Afrikaanse Oostkust gezeild, maar daaraan waren twee gevaren verbonden. Ging men te vroeg Noordwaarts dan stevende men af op de Sumatraanse kust, en moest men vervolgens tegen de moessonwinden in naar Batavia laveren. Hield men daarentegen te lang Oostelijk aan dan kon men stranden op de rotsachtige Westkust van Australië. Het juiste moment bepalen om Noordwaarts te keren was echter geen sinecure, want pas diep in de achttiende eeuw hadden schippers de beschikking over de nodige instrumenten om hun lengtepositie te bepalen. Men moest tot die tijd vertrouwen op een zogenaamd ‘gegist bestek,’ een gissing van de positie die berekend wordt met gegevens over de afgevaren plaats, de vaartijd, vaarsnelheid, ondervonden stroom en wind. Stormen en afwijkende stromingen maakten van deze schattingen echter natte vingerwerk, zodat nogal wat schepen te vroeg of te laat hun koers Noordwaarts verlegden. Voor verbersing deed men op die route dan de eilanden St. Paul en/of Amsterdam aan. Op enige afstand van de Australische West-kust ging men een Noordelijke koers varen en kwam dan bij de Zuid-Javaanse kust aan. Andere VOC-schepen die bijvoorbeeld India en Ceylon aandeden voeren een meer westelijke koers via (verversingshavens) Madagascar en/of Mauritius genoemd naar prins Maurits).

Stoomtijdperk
De opening van het Suezkanaal in 1869 viel ongeveer samen met de opkomst van de stoomschepen. Vanaf die tijd was men minder afhankelijk van zeilwind en verliep de route naar Oost-Indië via de Middellandse Zee, Suezkanaal, Rode Zee, Indische Oceaan en Straat Malaca. De reizen naar Indië werden toen aanmerkelijk korter.

Reisduur
De Route, het schip en de weersomstandigheden waren van essentieel belang voor de duur van de overtocht. Het zeemanschap van de bemanning, de vaarinstructies en de tijd die gespendeerd werd bij de stopplaatsen, beïnvloedden uiteraard ook de reisduur.

Zie kolom onder onderstaande kolom: "Vaartijd van Nederland naar Batavia (Java)".

DE EERSTE NEDERLANDERS MET DE VOC IN INDIË

Op 15 juni 1596 zette Cornelis de Houtman van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC)met enkele schepen voor het eerst in Azië voet aan wal. Dit gebeurde bij het West-Javaanse stadje, Bantam vlak bij Straat Sunda. Er volgde onderhandelingen met de plaatselijke vorst. Hoewel deze eerste reis weinig financieel gewin voor de VOC opleverde, werd wel bewezen dat het voor de Nederlanders mogelijk was om Oost-Indië te bereiken.

Cornelis de Houtman in onderhandeling te Bantam

Omstreeks 1600 was Bantam één van de belangrijkste stapelmarkten van Zuidoost-Azië, mede vanwege de grote export van peper. Hier kwamen praktisch alle belangrijke Aziatische en Europese handelsnaties samen. In kringen van de VOC werd er dan ook over gedacht om Bantam tot de centrale verzamelplaats voor de schepen in Azië, te maken. Verder hoopte de VOC in Bantam snel een monopolie op de uitvoer van peper te bereiken. De vorsten van Bantam lieten zich echter niet door de VOC de wet voorschrijven.
 
Op 26 november 1598 bereikte Jacob Cornelis van Neck met acht VOC-schepen, de tweede Nederlandse expeditie naar Oost-Indië, Bantam.
 
De Vereenigde Oost-Indische Compagnie kreeg de kans om de situatie naar haar hand te zetten, toen er in Bantam omstreeks 1680 een troonstrijd uitbrak, waarbij één van de partijen een beroep deed op de VOC. Na haar interventie kon de VOC haar voorwaarden dicteren. In de eerste plaats werd een einde gemaakt aan de stapelmarktfunctie van Bantam; koopvaarders uit Europa, India en China werden niet langer toegelaten waardoor Bantam niet langer een concurrent van Batavia was. In de tweede plaats kreeg de VOC het monopolie op de uitvoer van peper. De levering van peper tegen een vaste prijs verliep uitsluitend via de vorst. De peper was overigens voor het merendeel afkomstig uit Lampung, gelegen aan de overzijde van Straat Sunda op Zuid-Sumatra. Doordat de vorst van Bantam en de VOC daar weinig gezag hadden, verdween er nogal wat peper naar elders. Ten noorden van Lampung lag het rijk van Palembang, vanwaar de VOC via exclusieve contracten ook veel peper betrok.
De VOC bouwde bij Bantam de vesting Speelwijk, daar werden de ontwikkelingen aan het hof en onder de adel in de gaten gehouden. Na de interventie bleef het lange tijd rustig in het rijk. Tegen 1750 was er echter sprake van een grote crisis, toen de Arabische echtgenote van de vorst haar man krankzinnig liet verklaren en zelf, met goedvinden van de VOC, de troon besteeg. De opstand die daarvan het gevolg was, dwong de VOC op haar beurt de vorstin van de troon te verwijderen. Deze troonswisseling en militaire middelen alleen bleken echter niet genoeg om de opstand te dempen. Eerst nadat de zoon van de krankzinnig verklaarde vorst de troon mocht bestijgen, werd het weer rustig.

HET EINDE VAN DE VOC

Op 2e Kerstdag 1794, bijna 200 jaar na het begin van de VOC, viel het doek door een compleet faillissement. De VOC liep grote schulden op en in 1795 werd de VOC overgenomen door de stad Amsterdam hetgeen niet alleen het officiële einde van de VOC, maar ook het einde van 200 jaar Nederlands Zeevaartglorie betekende. Rond de eeuwwisseling had het door Lodewijk Napoleon geregeerde Koninkrijk Holland volstrekt geen maritieme betekenis meer. In 1806 stelde broer keizer Napoleon Bonaparte het “Continentale stelsel” in, hetgeen betekende dat geen handel met Engeland mocht worden gedreven, dit verlamde vervolgens de Hollandse havens en scheepvaart, een lange periode van Hollands glorie op de wereld zeeën was daarmee verleden tijd! Holland werd in 1810 bij het Franse keizerrijk ingelijfd, verloor haar laatste kolonie aan de Engelsen en armoede heerste alom.
 

Vaartijd van Nederland naar Batavia - (Java)

Periode Vaartijd                                                                                    

Via De Kaap 11.800 nautical miles       

Via Suezkanaal 9.200 nautical miles     
1595 832 dagen (27 maanden)1e VOC reis - Cornelis de Houtman                                                                                                                                                                                   X  
1650 232 dagen (7½ maand) X  
1680 200 (7 maanden)                                                     X  
1844 75 dagen (2½ maand) - Lloyd-zeilschepen X  
1869

Opening Suezkanaal  -  Einde “Zeiltijd” en begin “Stoomtijdperk”

1870 44 dagen (1½ maand)   X
1890 37 dagen (dikke maand)   X
1923 28 dagen (kleine maand)   X
1947 22 dagen (3 weken) ms Willem Ruys   X

 

EEN NIEUW TIJDPERK

In 1813 werd de onafhankelijkheid van Nederland weer hersteld en in de periode dat Nederland er 10 onafhankelijk-heidsjaren op had zitten, keerde het roemruchte Hollandse commerciële elan langzaam maar zeker weer terug. In 1824 werd de “Nederlandsche Handel-Maatschappij” opgericht en voor ondernemende jongelui was er in de grote stad weer werk.

In 1828 besloten de 20-jarige besloten Jacob van Ulphen en de 19-jarige Willem Ruys Jan Daniëlszoon (J.Dzn.) te Amsterdam samen te gaan werken in een Cargadoor/expediteur/ assurantie bedrijfje. 
 

WILLEM RUYS - ZEILVAART

 
In november 1838 werd bij scheepswerf "Fop Smit" te Kinderdijk de kiel gelegd voor de eerste "Oostinjevaarder" van Willem Ruys J.Dzn., het driemast-barkschip "Cornelis Wernard Eduard". Willem Ruys J.Dzn. gaf met deze opdracht blijk van zijn belangstelling voor de vaart op Nederlandsch-Indië. Het is verassend te noemen dat de heer Ruys, nauwelijks 5 maanden na de tewaterlating van de "Cornelis Wernard Eduard", ook al de kiel liet leggen voor de "Jan Daniël" en datzelfde jaar (1840)
 
"Cornelis Wernard Eduard" - 1839
 

WILLEM RUYS & ZOONEN

 
In september 1844 gaf Willem Ruys J.Dzn. blijk van zijn belangstelling voor de vaart op Nederlandsch- Indië. Hij organiseerde diverse expedities van Rotterdam naar Batavia en op in december 1860 richtte hij samen met zijn zoon, Willem Ruys W.zn, de firma Willem Ruys & Zoonen op.
 
In 1868 werden de bevrachtingswerkzaamheden ondergebracht in een aparte firma, Ruys & Co.

Vanaf 1870 ging Wm. Ruys & Zoonen zich bezighouden met de stoomvaart. Tot die tijd wilde Ruys niets van stoom weten, maar was de Lloyd toch tot stand gekomen omdat de drie zonen niet langer wilden zeilen. Ook de via het Suezkanaal verkorte afstand naar Nederlandsch-Indië speelde.

STOOMBOOT-REEDERIJ ROTTERDAMSCHE LLOYD

Eerst werd met een klein gecharterd vrachtschip van ruim 1200 ton, het ss Ariadne gevaren. Vanaf 1875 met, voor eigen rekening gebouwde, schepen zoals het ss Groningen, het ss Friesland, het ss Torrington en het ss Hampton. Deze schepen werden, in samenwerking met de Engelse Commercial Steamship Company, in Januari 1875 ondergebracht in de "Stoomboot-reederij Rotterdamsche Lloyd" onder de directie van Wm Ruys & Zoonen Zij gingen vervolgens vracht en passagiers ging tussen Nederland en Nederlandsch-Indië vervoeren.
 
De eerste stoomzeiler van de Stoomboot-reederij "Rotterdamsche Lloyd" het ss Groningen
 
Op 24 November 1874 werd het te water gelaten en op 7 Februari 1875 werd het, 120,21 meter lange, schip opgeleverd door C. Mitchell & Co., Newcastle-upon-Tyne aan de Stoomboot-reederij Rotterdamsche Lloyd. Het schip voer tussen Nederland en Nederlandsch-Indië. Via de belangrijkste route Southampton–Marseille–Singapore–Tandjong Priok is het 9191 zeemijlen (1 zeemijl=1852 meter) dus ca. 17.000 km. Haar eerste reis begon op de dag van oplevering, namelijk op 7 Februari 1875. Voor een uitgebreide beschrijving en het verkrijgen van diverse interessante overblijfselen van het ss Groningen zie het websitehoofdstuk: "Groningen".
 
Advertentie uit de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 21 januari 1875 waarin voor het eerst de naam "Rotterdamsche Lloyd" werd gebruikt. Een geregelde stoomvaart naar Java o.a. met het ss Groningen.
 

In 1881 veranderde de naam "Stoomboot-reederij Rotterdamsche Lloyd" in "Stoomvaart Maatschappij Rotterdamsche Lloyd.

DE N.V. ROTTERDAMSCHE LLOYD

 
Op 15 Juni 1883 werd de oude "Stoomboot-reederij Rotterdamsche Lloyd" omgezet in de nieuwe vennootschap "N.V. Rotterdamsche Lloyd" met een kapitaal van 4.033.000,- gulden, onder directie van Willem Ruys en Zoonen.

De directie bracht haar kantoren over naar Veerkade 8 alwaar tot 1907 ook de Rotterdamsche Lloyd haar kantoren had en opende een veertiendaagse dienst op Java. Uit het jaar 1883 dateert ook het 2.223 ton metende passagiersschip "Batavia". De aandeelhouders in de verschillende schepen van de oude Lloyd werden aandeelhouders in een naamloze vennootschap, waarin alle schepen werden ondergebracht. De aandeelhouders wedden daarmee op meerdere paarden tegelijk en spreidden daarmee hun risico.

Het eerste Rotterdamsche Lloyd affiche met het ss Batavia - 1883 

 

ZILVEREN JUBILEUM ROTTERDAMSCHE LLOYD 1883-1908

Het jubileum-wandbord van gedreven zilver op mahoniehouten lijst, een geschenk van alle gezagvoerders aan de directie. Links het wapen van Rotterdam, rechts het wapen van Batavia, beide in emaille uitgevoerd - 1908

 

HET POSTCONTRACT MET DE NEDERLANDSE OVERHEID

 

De postvlag en de RL-vlag

In 1889 werd door de N.V. Rotterdamsche Lloyd (RL) en de Stoomvaartmaatschappij Nederland (SMN) met de Nederlandse regering onderhandeld over een wekelijkse maildienst op Nederlandsch-Indië. De bedoeling was dat deze scheepvaartmaatschappijen beurtelings de mail zouden vervoeren. De onderhandelingen hadden behoorlijk wat voeten in aarde. Voor het, elke veertien dagen, overbrengen van de brievenpost wilde de Nederlandse Staat een waarborg geven van fl 2.400,- voor elke uit- en thuisreis. Een reis van Marseille naar Batavia zou aanvankelijk maximaal 30 dagen mogen duren. De duur van deze reizen zou binnen vijf jaar experimenteren verkort worden tot 26 dagen hetgeen betekende dat de waarborgsom naar fl 4.000,- werd opgetrokken. Daartegenover stond wel dat een te late aankomst een boete opleverde. Tegelijk met deze nieuwe overeenkomst werd het vervoer van gouvernementspassagiers en -troepen aan de RL en SMN gegund.
 
Het ss Kawi met in de voormast de Postvlag - 1916
 
Anekdote-1:
De minister van Verkeer en Waterstaat, de heer Havelaar, wenste niet aan een postcontract mee te werken als de RL en SMN hem niet konden garanderen dat de stoomschepen dezelfde, hogere snelheid zouden hebben als de Franse mailschepen. Deze eis ontlokte de RL-directeur, Willem Ruys de opmerking dat hij daartoe gaarne bereid zou zijn, indien de minister dan ook een som van fl 4.000.000,- wilde toezeggen, zoals ook de Franse regering had gedaan.

 

In de Tweede Kamer werd aangegeven dat hulde voor de Rotterdamsche Lloyd op zijn plaats was omdat deze rederij, conform artikel-2 van het postcontract, al haar schepen in Nederland liet bouwen (Nederlandsche Maatschappij "De Schelde" te Vlissingen). Stoomvaartmaatschappij Nederland had volgens de Tweede Kamer nog geen enkel schip in Nederland laten bouwen!
 
Hoe het ook zij ........ in 1893 was het postcontract een feit en verliep vijftien jaar later. Hernieuwde onderhandeling leidde tot een postcontract waarbij de reis wederom een dag (naar 25 dagen) werd ingekort, daartegenover stond een hogere vergoeding per reis van fl 5.000,-
 
Advertentie in de Engelstalige Lloyd Mail - 1920
 
In 1923 werd bij de volgende hernieuwing van het postcontract besloten na Sabang niet meer via Zuid Sumatra naar Padang te varen maar via de Noordelijke route naar Belawan. Hiervoor werd het voor grotere mailschepen mogelijk gemaakt om via "de geul" de kaden van Belawan te bereiken. Als eerste grote mailschip meerde daar op 11 september 1923 het ss Patria aan, hetgeen aanleiding gaf voor een groot feest.
 
Het eerste mailschip ss Patria arriveert in Nederlandsch-Indië Tandjong Priok - 1923
 
Bij het nieuwe postcontract van 1923 werd bepaald dat de betaling voor verleende diensten zou geschieden op basis van de Internationale Conventie van Madrid. Daarbij verviel de bij de vroegere contracten bedongen reisduur garantie en werd de waarde van het contract teruggebracht tot die van een eenvoudige vervoersovereenkomst. De mailreis Marseille-Batavia was toen met de steeds sneller wordende schepen al tot 21 dagen ingekort!
 
Belawan - ms Kota Agoeng en aan de kade ms Kota Radja -
 

ONZE ROTTERDAMSCHE LLOYD DJONGOSSEN

 
 

U-TUBE "HET BETJAKLIED"

Met Wieteke van Dort en Willem Nijholt

Voor afspelen blauwe tekst aanklikken:

http://www.youtube.com/watch?v=cJBS-3vrAzU

 

RL-BROCHURE COVER NEDERLANDSCH-INDIË

DE ROUTE NAAR NEDERLANDSCH-INDIË

ROTTERDAM NAAR PORT-SAID

PORT-SAID NAAR MINICOY

MINICOY - BATAVIA
 
AFVAARTEN NAAR EN VAN NEDERLANDSCH-INDIË - 1924
 

AANLOOPHAVENS OMSTREEKS 1920   ......... ROUTE ROTTERDAM - NEDERLANDSCH INDIE

ROTTERDAM - NEDERLAND

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             

                                           Lloydkade met het ms Sibajak in het midden links - 1937

         
SOUTHAMPTON - ENGELAND

                                                                                                                                           

                                                                                                                               Southampton met de Queen Mary - 1936                                                              


LISSABON - PORTUGAL
                                     

  Lissabon aan de Taag - 2008

 

TANGER - NOORD MAROKKO

De boulevard in Tanger - 1935
MARSEILLE - FRANKRIJK

De oude haven van Marseille - 1962

PORT SAID - NOORD EGYPTE

Het ms Baloeran in Port Said

 

COLOMBO - WEST CEYLON

Colombo - 1913                                                
SABANG - NOORD SUMATRA (ATJEH)

                                                   

Het ss Garoet in Sabang - 1924
PADANG - ZUID WEST SUMATRA (vóór 1923)
         
BELAWAN - NOORD OOST SUMATRA (ná 1923)
                                                                                  

   

In januari 1921 liep het allereerste stoomschip van de Rotterdamsche Lloyd de nieuwe Oceaanhaven van Belawan binnen.
SINGAPORE - ZUID MALAKKA

                                                                                                                                                                     

Singapore - Sloepenwedstrijd met geheel links de sloep van de Merwe Lloyd - 1959
BATAVIA - TANDJONG PRIOK - NOORD JAVA
                                                                                                               

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                    

Tandjong Priok - Vlnr. ss Patria, ss Wilis en ss Tabanan - 1923                                                
                       
 
 

ANDERE AANLOOPHAVENS IN NEDERLANDSCH-INDIË

SEMARANG - NOORD MIDDEN JAVA

Semarang - Kali Baroe - 1920

CHERIBON - NOORD MIDDEN JAVA

               

Cheribon - 1939

SOERABAJA - NOORD OOST JAVA

Het ss Goentoer en ss Soerakarta aan de kade te Soerabaja - 19

BANJOEWANGI - OOST JAVA

 

 

 

De vulkanen van Banjoewangi - 1805
pentekening van H. Wardenaar

PANAROEKAN - OOST JAVA

 

 

 

 

De haven van Panaroekan rond 1900

TJILATJAP - ZUID MIDDEN JAVA

Tjilatjap - Foto genomen vanaf de Kota Gedé - 1942

BALIKPAPAN - ZUID OOST BORNEO

 

 

 

 

 

Balikpapan - 1936

KOTA KINABALU - NOORD BORNEO (SABAH)

Kota Kinabalu - 1962

LABUAN - NOORD BORNEO (SABAH)

 

 

 

 

Bird's eye view over Labuan - 1955

MACASSAR - ZUID CELEBES

                   

ss Siantar- Het inladen van kopra te Macassar - 1926

HOLLANDIA - NOORD NIEUW GUINEA

Hollandia - Het ss Waterman vertrekt met Nederlanders die Indonesië verlaten - 1962

SORONG - WEST NIEUW GUINEA

                       

Sorong - 1962

 

 

VERVOLG ROTTERDAMSCHE LLOYD EN NEDERLANDSCH-INDIË

 

 

 

Lading per ss Slamat, bestemd voor Batavia - 1928

 

 

ADVERTENTIES OVER DE VAART NAAR NEDERLANDSCH-INDIË

Rotterdamsche Lloyd

Advertentie in de Engelstalige "Lloyd Mail" 1938

Advertentie in de Engelstalige "Lloyd Mail" 1939
Rotterdamsche Lloyd samen met Stoomvaartmij. Nederland

Advertentie in "Het Parool" - 1933

Advertentie in "Galoenggoeng"- 1936

 

TWEEDE WERELDOORLOG

HET VOORSPEL

Toen op 3 september 1939 de oorlog uitbrak tussen enerzijds Duitsland en anderzijds Engeland en Frankrijk ontstond er in diverse diensten van de Rotterdamsche Lloyd een behoorlijke stagnatie. Zich op de thuisreis bevindende schepen werden opgebracht naar Engelse- en/of Franse havens voor een onderzoek van de lading. Op 5 september kreeg Batavia de opdracht voorlopig alleen lading te accepteren voor Nederland. Slechts de dienst van Rotterdam en Antwerpen naar Nederlands-Indië werd zo goed als het kon onderhouden, waarbij de schepen de route via het Suezkanaal bleven volgen. 
 
OOK NEDERLAND EN NEDERLANDS-INDIË IN OORLOG

Bij het uitbreken van de oorlog bestond de Rotterdamsche Lloyd-vloot uit 5 mailschepen en 26 vrachtschepen:

- 5 mailschepen op de hoofdlijn, Rotterdam - Batavia,

- 13 vrachtschepen op de hoofdlijn, Rotterdam - Batavia,

- 6 vrachtschepen in de Java - New York lijn,

- 5 vrachtschepen in de Java - Pacific lijn,

- 2 vrachtschepen in ballast van de USA naar Nederlandsch-Indië.

Strijd om Nederlands-Indië: 1945-1949

Voor afspelen blauwe tekst aanklikken:

http://www.youtube.com/watch?v=74hu5mRBZVo

 

BERSIAP-PERIODE

Na de capitulatie van Japan op 14 augustus 1945 ontstond er in Nederlands-Indië een gezagsvacuüm. Politieke activisten zagen hun kans schoon om zelfstandigheid te krijgen, hetgeen zou betekenen dat de koloniale banden met Nederland werden verbroken.
Hatta en Soekarno - 1945
 

Op 17 augustus 1945 werd de onafhankelijkheid van Indonesië door Soekarno en Mohammed Hatta uitgeroepen. In feite werd Soekarno ontvoerd door activisten (meest studenten) en in zijn huis op Pegangsaan Oost met succes onder pressie gezet om de Republik Indonesia uit te roepen. Vrijwel alle politieke partijen in "Indië" (de PNI, de PKI, de Parindra enz) wensten geen terugkeer van het Nederlandse bewind. De zogenaamde "Bersiap-periode", een gewelddadige periode in de Indonesische geschiedenis die tot begin 1946 duurde. "Bersiap" was de strijdkreet van de nationalistische jongeren bij deze Indonesische revolutie.

Onder politieke druk hadden Soekarno, Hatta en anderen de Japanse macht zover gekregen dat er een Indonesisch leger en een volksstrijdmacht werd opgericht dat geen vuurwapens kreeg maar wel door Japanse instructeurs werd getraind. Het argument naar de Japanse bezetter toe voor het oprichten van deze militaire en paramilitaire groepen was: de Japanse troepen steun te verlenen bij een eventuele geallieerde invasie. Het ligt voor de hand dat in deze paramilitaire milities ook zeer veel gewelddadige, roofzuchtige elementen zaten.

Toen Nederland zijn gezag over de archipel wilde herstellen kwam het op een aantal plaatsen tot gewelddadigheden, waarbij met name onder Indo-Europeanen en Chinezen vermoedelijk enkele duizenden doden zijn gevallen. In grote delen van Sumatra werd de macht van de inheemse volkshoofden op zeer gewelddadige wijze gebroken. Dat laatste vormt de historische betekenis van de Bersiap-periode.
 
Kolonisten van zuiver Nederlandse afkomst (Totoks) zaten nog in Japanse interneringskampen (Jappenkampen), door de Japanners aangeduid als beschermde wijken, waardoor onder hen relatief weinig slachtoffers zijn gevallen. Daartegenover staat dat voor velen de bevrijding die een jaar later pas plaats vond toen ze werden "uitgewisseld" dan wel bevrijd door Brits-Indische (Ghurka's)troepen.
 
Vermoedelijk zijn de meeste slachtoffers (honderden) gevallen in Soerabaja, vlak voordat de regelrechte oorlog tussen het Engelse leger en de kersverse republiek uitbrak. De organisatie van de "strijdmacht" vertoonde weinig samenhang. De communicatie tussen alle groepen/cellen was uitermate gering: het vaste telefoonnet was verwaarloosd en er waren nog geen mobiele telefoons. Een effectief communicatiemedium in de stad waren de lantaarnpalen. Men sloeg dan met een stuk ijzer op de lantaarnpalen onder het schreeuwen van de "strijdkreet".
 
 
De moordpartijen werden in de hand gewerkt door de fel propagandistische radiouitzendingen van de zender "Radio Pemberontak" waarin openlijk werd opgeroepen tot "uitroeien van alle Belanda's (Nederlanders) en alle Anjing Belanda's (de honden van de Nederlanders), waarmee de Indo's werden bedoeld. De Indonesische premier Sjahrir heeft opgeroepen om een einde te maken aan de gewelddadigheden.

Augustus 1945 - Britse bezetting na Japanse capitulatie
 
 
POLITIONELE ACTIES
Aanvankelijk kwam het tot een gewapende confrontatie tussen de Indonesische nationalisten en de Britse troepen die het land hadden bezet na de Japanse capitulatie. In oktober 1945 ontbrandde de strijd om Soerabaja. Na bloedige gevechten moesten de Nationalisten Soerabaja prijsgeven. In maart 1946 kwamen de eerste Nederlandse troepen in Indonesië aan land om de Britse posities over te nemen. Afgezien van de "politionele acties" (kortdurende Nederlandse offensieven) had deze oorlog meestal het karakter van een guerrilla van de Indonesische nationalisten tegen de Nederlandse troepen. De vijandelijkheden duurden tot het staakt-het-vuren in augustus 1949.
 
Tjilatjap - Nederlandse Mariniers komen aan land - 1947- Foto A. Verouden
 
Na 1949 werd, afgezien van de coup van ex-kapitein Westerling in 1950, de strijd nog éénmaal opgepakt. Dat was tijdens de vijandelijkheden die voorafgingen aan de overdracht van Nederlands Nieuw-Guinea in 1962. Nederland erkende de Republiek Indonesië niet als een onafhankelijke staat, maar beschouwde haar als een opstandige beweging in de kolonie Nederlands-Indië. Daarom bezigde men de term "politionele actie", mede in de hoop hiermee buitenlandse kritiek op het militaire optreden af te zwakken. In meer recente literatuur wordt om deze reden ook wel gesproken van de Nederlands-Indonesische Oorlogen. Tijdens beide politionele acties telde de Nederlandse troepenmacht in Indonesië, met inbegrip van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL), meer dan 100.000 man. Het grootste deel hiervan werd bij de acties ingezet. Deze omvang maakte duidelijk dat van een beperkte "politieactie", zoals de Nederlandse regering het probeerde voor te stellen, geen sprake was.
 
 
Pas in 1949 was Nederland zelf aan de overdracht toe. In 2005 werd door de Nederlandse regering de datum 17 augustus 1945 erkend als de officiële begindatum van de onafhankelijkheid van Indonesië.
 
De Indonesische vlag
 
NA DE TWEEDE WERELDOORLOG
DE ROTTERDAMSCHE LLOYD KRUIPT UIT HET OORLOGSDAL
van de Tweede Wereldoorlog en in 1948 was het aantal schepen en reizen van en naar Indonesië zelfs weer terug op het niveau van 1939.

 

DE (KONINKLIJKE) ROTTERDAMSCHE LLOYD EN NEDERLANDS-INDIË

Het eerste Koninklijke Rotterdamsche Lloyd affiche met het ms Willem Ruys - 1947
 
In 1947 ontstond de "Koninklijke Rotterdamsche Lloyd n.v." (KRL). Ter gelegenheid van het in de vaart komen van het roemruchte vlaggenschip, ms Willem Ruys had het Hare Majesteit Koningin Wilhelmina behaagd de Rotterdamsche Lloyd het predikaat “Koninklijk” te verlenen (Zie hieronder de oorkonde).
 

ONZE KONINKLIJKE ROTTERDAMSCHE LLOYD DJONGOSSEN

 

 

 

Djongosuniform - collectie KRL-Museum

 

TROEPENTRANSPORT

 

REPATRIËRING

Tussen 1945 en 1968 zijn ongeveer 300.000 Nederlanders, Nederlanders geboren in Indië (Totoks), Indische Nederlanders en Indonesiërs naar Nederland gerepatrieerd. Directe aanleiding daarvoor was de onafhankelijk-heidsverklaring van Indonesië. Een groot deel van deze groep mensen was echter nooit eerder in Nederland geweest. De repatriëring zelf verliep in vijf golven:

De eerste golf (1945-1950)
Na de capitulatie van Japan in augustus 1945 vertrokken ca 100.000 personen, hoofdzakelijk mensen die tijdens de Japanse bezetting in de jappenkampen gevangen hadden gezeten en onmiddellijk of binnen enkele jaren naar Nederland vertrokken. 
 
Bevrijding Java door de Engelsen - 1945
 
De tweede golf (1950-1957)
Door de soevereiniteitsoverdracht aan Indonesië 27 december 1949 vertrokken bestuursambtenaren, politieapparaat, rechterlijke macht en leger naar Nederland.
 
De soevereiniteitsoverdracht met Koningin Juliana, Dr. W. Drees en Mohammed Hatta - 1949
 
Na de opheffing van het KNIL in juli 1950 vertrokken ook veel ex-KNIL-militairen, waaronder 4000 Molukse militairen met hun gezinnen en vele KNIL-soldaten van Afrikaanse afkomst. Molukkers weken af van de grote groep repatrianten, omdat zij er niet zelf voor gekozen hadden naar Nederland te komen en er vanuit gingen dat zij slechts tijdelijk in Nederland zouden zijn. Zij waren KNIL-militairen die niet op republikeins grondgebied gedemobiliseerd wilden worden en de republikeinse regering had er bezwaar tegen wanneer dit op de Molukken zou gebeuren, vanwege het uitroepen van de Molukse republiek RMS in april 1950.
 
Molukse kinderen worden van de Willem Ruys aan wal gebracht - 1951
 
Daarom besloot de Nederlandse regering in 1951 circa 12.500 Molukkers naar Nederland over te brengen. Daar aangekomen kregen zij te horen dat zij niet langer in dienst van het leger waren. Zij werden opgevangen in voormalige concentratiekampen, zoals Vught en Westerbork, dat toen kamp Schattenberg heette.
 
Nederlandse- en Indische kinderen aan boord van de Willem Ruys - 1955
 
De derde golf (1960)
Voor, tijdens en na de overdracht van Nieuw-Guinea aan Indonesië werden alle nog op Nieuw-Guinea verblijvende Nederlanders (ca. 14.000 personen) geëvacueerd. In de periode van het zogenaamde UNTEA-bestuur kwam een groep van ongeveer 500 Papoea's met hun gezinnen naar Nederland, waarvan de mannen in overheidsdienst waren en als zodanig niet in Nieuw-Guinea konden blijven. De kwestie Nieuw Guinea leidde er vervolgens toe dat er “onder geen beding” nog passagiers en lading met schepen onder Nederlandse vlag van en naar Indonesië mochten varen. Nederlanders werden tot ongewenst vreemdeling verklaard.
 
 
De vierde golf (1957-1964)
De terugkeer van spijtoptanten. Spijtoptanten waren mensen die na de soevereiniteitsoverdracht hadden gekozen voor het Indonesische staatsburgerschap, maar spijt hadden van hun keuze. In de eind jaren ‘50 was het Nederlandse toelatingsbeleid erg terughoudend, maar dit werd wegens de noodsituatie in de jaren zestig verruimd. Ongeveer 25.000 personen mochten daardoor alsnog naar Nederland komen en Nederlander worden.
 
 

 

 
De vijfde golf (1965-1968)
Door de staatsgreep van Soeharto op 1 oktober 1965 kwamen Indonesiërs naar Nederland die zich, eenmaal hier aangekomen, lieten naturaliseren. In 1968 zette de Nederlandse regering de regeling voor de komst naar Nederland definitief stop.

Verstekelingen                                                     
Peranakans oftewel verstekelingen waren er gedurende de gehele repatriëringperiode. Zij kozen er om uiteenlopende redenen voor om zonder papieren aan boord te gaan van repatriëringschepen. Een aantal verstekelingen had bijvoorbeeld de Indonesische nationaliteit omdat hun ouders daarvoor gekozen hadden, en kon niet aanmerking komen voor de Nederlandse. Zij “verstekelden”, omdat zij vreesden voor hun leven. Anderen maakten deze keuze uit avonturiersdrang.
 

U-TUBE "AFSCHEID VAN INDIE"

Met Wieteke van Dort, Sandra Reemer en Margie Ball

Voor afspelen blauwe tekst aanklikken:

http://www.youtube.com/watch?v=Wx6-3YH157c

 

SONGTEKST "AFSCHEID VAN INDIE"

Afscheid van Indie
Wat heeft het voor zin
Hoe moet het nu verder
Met 't land dat ik bemin
"Dag baboe, dag djongos
Het ga jullie goed
Land van mijn droom
Ik ga omdat ik moet"

Afscheid van Indie
Vaak ongewild
Verzet blijft van binnen
De tijd maakt ons mild
Maar altijd zal blijven: het beeld
Het houdt je gevangen van die tijd
Je raakt 't niet kwijt

Johan van Oldebarneveldt Oranje,
Willem Ruys Sibayak en de Dempo
Grote Beer, Zuiderkruis

Tandjoeng Priok, Batavia (Straat van Malakka)
Singapore, Balawan, Medan, Sabang, Colombo,
Ceylon Rode Zee Suezkanaal, Port Said, Genua of Marseille (Daar gingen sommigen met de trein verder)
En anders ging je door de Straat van Gibraltar
Golf van Biskaje Southampton
Het Kanaal Sluizen van IJmuiden,
Noordzeekanaal, Amsterdam
Of Nieuwe Waterweg (Loods aan boord), Rotterdam

Nee, ze zijn er niet meer
Ze zijn er niet meer
De zeereuzen van weleer
Ze brachten ons naar Holland
En we keerden niet weer

 

DE GEVOLGEN VOOR DE KONINKLIJKE ROTTERDAMSCHE LLOYD

De zware slagen van de Tweede Wereldoorlog heeft de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd, weliswaar met de hulp van de Nederlandse overheid, opmerkelijk goed weten op te vangen. Echter, de tweede zware slag was in aantocht toen Indonesië eind 1957 een politiek en economische offensief tegen Nederland en de Nederlandse belangen ontketende. Het spreekt vanzelf dat een zo op Indonesië afgestemd bedrijf als de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd zwaar door de Indonesische maatregelen zou worden getroffen. Deze rampzalige ontwikkeling zorgde er voor dat de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd haar roots in Indië kwijt raakte. De kennis en ervaring die de diverse leden van de familie Ruys in honderdtwintig jaar hadden opgebouwd, konden op het historische Indië-traject niet meer worden gebruikt. Het ladingaanbod kwam al spoedig scherp onder de invloed van de Indonesische politiek, zodat een dramatische inkrimping van de diensten tussen Europa en Indonesië onvermijdelijk werd. Het passagiersvervoer naar Indonesië kwam op de uitreizen vrijwel onmiddellijk stil te liggen. In de thuiskomende richting ontstond daarentegen een grote, tijdelijke stroom van repatrianten, immers zo’n 300.000 personen moesten uiteindelijk naar Nederland worden vervoerd. De basis viel dus onder de KRL-passagierdienst weg, hetgeen o.a. betekende dat het ms Willem Ruys in mei 1958 uit de dienst tussen Nederland en Indonesië werd teruggetrokken. De "Ruys" maakte vervolgens een drietal cruises en vervulde daarna twee extra afvaarten in de “Europa Canada Linie”. In datzelfde jaar werd de Willem Ruys grondig verbouwd en geschikt gemaakt voor een “rond-de-wereld” dienst. In april 1960 vaardigde Indonesië voor schepen onder Nederlandse vlag een totaalverbod uit tot het vervoer van passagiers en lading van en naar Indonesië. Toen het ms Kertosono (2) op 6 augustus 1960 van Tandjong Priok naar Nederland vertrok, kwam een definitief einde aan de diensten die de "Lloyd" gedurende een lange reeks van jaren tussen Indonesië en verschillende delen van de wereld had onderhouden.
 
 
Ook op de buitenlijnen waren de Indonesische maatregelen van grote invloed. Het zwaarst getroffen werd de “Java New York Line” een gezamenlijke dienst van de KRL, SMN en HAL.

Maar de voortvarende Ruys-familie gaf zich niet gewonnen en een verdere uitbreiding van de vloot en diensten kwam toch weer in zicht!
 
 

GROEI VAN DE ROTTERDAMSCHE LLOYD VLOOT: 1870-1970

Passagiersschepen=Maildienst, Vrachtschepen = Cargadienst

JAARTAL

AANTAL PASSAGIERSSCHEPEN AANTAL VRACHTSCHEPEN TOTAAL AANTAL SCHEPEN
1870 Willem Ruys & Zoonen 1
1875 Stoomboot-reederij Rotterdamsche Lloyd 4
1883     9
1893     14
1896 9 6 15
1910 8 12 20
1914 10 24 34
1925 10 31 41
1931 8 33 41
1940 5 26 31
Tijdens de Tweede Wereldoorlog verloor de Rotterdamsche Lloyd 21 schepen.
OORLOG ss SLAMAT, ms BALOERAN en ms DEMPO -18 -21
1945 2 8 10
Door de regeling "Vloot-reconstructie-1946 en andere toevoegingen kon de Rotterdamsche Lloyd vloot weer snel tot het niveau van 1940 worden opgebouwd.
1947 ms Indrapoera, ms Sibajak en ms Willem Ruys 29 32
In 1947 werd de Rotterdamsche Lloyd, "Koninklijk"
1970 0 31 31
In 1970 ging de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd NV over in de NSU (Koninklijke Nedlloyd)